ikhyperventileer.punt.nl
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
    Clinofobie
     
    Helaas is dit praktisch het enige wat ik kon vinden.
     
    Clinofobie is een abnormale angst om naar bed toe te gaan. Mensen met deze specifieke fobie associëren naar bed gaan gewoonlijk met sterven. Toch wordt clinofobie als aparte fobie beschouwd en niet gerekend tot thanatofobie (de angst voor de dood of de angst om te sterven).
    Lees meer...
    De meesten schamen zich voor hun fobie, maar dat is nergens voor nodig!
    Klik maar op de link en je komt een lijst tegen met de meest rare fobieën! (dit is niet bedoeld als disrespect, maar om je zelfvertrouwen te laten groeien. En om te laten zien dat je niet de enige bent met iets 'raars')
     
    Een voorproefje:
     
     
    Pupafobie - angst voor marionetten
    Papafobie - angst voor de paus
    Aulofobie - angst voor fluiten
     
     
    Lees meer...   (10 reacties)
    Agorafobie
     
    Agorafobie is een psychische aandoening die in het DSM-IV gezien wordt als onderdeel van verschillende angststoornissen. De naam is afkomstig uit het Grieks: agora betekent markt en fobos betekent angst of vrees. In het Nederlands wordt ook wel de naam pleinvrees gebruikt wanneer men doelt op angst voor open ruimten.

    Algemeen gesteld is agorafobie de angst om een vertrouwde en veilige omgeving te verlaten. Dit kan de vorm aannemen van angst voor open ruimten, situaties waarin veel mensen bij elkaar komen of de angst in verlegenheid gebracht te worden of niet 'terug te kunnen keren'. Ook reizen (bijvoorbeeld met trein of bus) kan deze angst veroorzaken.

    De aandoening kan in verschillende gradaties voorkomen. In lichte gevallen voelt de persoon wel onrust, maar is in staat zich in openbare gelegenheden te begeven. Zijn sociale contacten zijn verder normaal. In ernstige gevallen trekt de persoon zich terug op een plaats die hij als vertrouwd of veilig beschouwt en mijdt zoveel mogelijk het contact met anderen. Dit kan soms jaren duren en leiden tot een ernstig sociaal isolement. Uiteraard zijn ook allerlei tussenvormen mogelijk.

    Als er sprake is van paniekaanvallen, kan agorafobie ook een ander beeld hebben. De stoornis wordt dan gezien als een anticipatieangst, een angst voor angst als het ware. Het zijn in dit geval niet zozeer de open ruimten of groepen mensen die de persoon angst inboezemen, maar de verwachting om een paniekaanval te krijgen. Deze angst leidt op zijn beurt weer tot het vermijden van situaties waarin de persoon denkt in paniek te zullen raken.

    Agorafobie wordt vaak gezien als de tegenhanger van claustrofobie (angst voor afgesloten ruimten), maar dit is misschien wat te eenvoudig voorgesteld. In een trein kunnen agorafobie en claustrofobie bijvoorbeeld dezelfde onrust of angstsymptomen veroorzaken, althans in de waarneming van de omstanders. In het eerste geval bestaat echter de angst om de vertrouwde omgeving te verlaten, in het tweede geval de angst om in de trein opgesloten te raken.

    Het DSM-IV beschouwt agorafobie alleen als zelfstandige stoornis als er geen sprake is van sterke paniekaanvallen (agorafobie zonder historie van de paniekstoornis), maar deelt deze in bij de paniekstoornis met agorafobie als dit wel het geval is. In dit kader stelt het handboek de volgende criteria voor de zelfstandige stoornis:

    • A. De aanwezigheid van agorafobie in relatie met de angst om paniekachtige symptomen te ontwikkelen (bv. duizeligheid of diarree).
    • B. Er zijn geen criteria voor de paniekstoornis aanwezig.
    • C. De stoornis is geen direct gevolg van de inname van een substantie (bv. drugs, geneesmiddelen) of een somatische aandoening.
    • D. In het geval van een somatische aandoening is de angst zoals beschreven in criterium A duidelijk ernstiger dan normaal bij de somatische aandoening.

    Als er wel sprake is van paniek, gelden de volgende criteria:

    • A. Angst voor plaatsen of situaties waaruit ontsnappen moeilijk of gênant is of waarin geen hulp beschikbaar is als er een paniekaanval of paniekachtige symptomen optreden. Tot de agorafobische angsten behoren kenmerkende situaties, waaronder alleen uit huis zijn, zich in een mensenmassa bevinden, in een wachtrij staan, op een brug staan of reizen in een bus, trein of auto. N.B: als het vermijdende gedrag zich beperkt tot één of slechts enkele situaties, moet de diagnose van een specifieke fobie worden overwogen. Als het vermijdende gedrag zich beperkt tot sociale situaties, kan er sprake zijn van een sociale fobie.
    • B. De persoon vermijdt de situaties (reizen wordt bijvoorbeeld beperkt), er is sprake van duidelijke stress of angst voor een paniekaanval of paniekachtige symptomen, of de persoon wil een begeleider hebben.
    • C. De angst of het fobisch gedrag is niet te verklaren als uiting van een andere psychische aandoening, bijvoorbeeld de sociale fobie (bv. vermijding van sociale contacten uit angst in verlegenheid gebracht te worden), specifieke fobie (bv. vermijding van specifieke situaties zoals een lift), obsessief-compulsieve stoornis (bv. vermijding van vuil door iemand met smetvrees), posttraumatische stressstoornis (bv. vermijding van prikkels die gekoppeld zijn aan een sterke stressfactor) of verlatingsangst (bv. vermijding om huis of familie te verlaten).
     
     
     
    Lees meer...
    Hier wat informatie over somnifobie. Helaas is het in het Engels, omdat er in het Nederlands niet veel over te vinden is. Wellicht vertaal ik het binnenkort.
     
    Somnifobie is de angst om te slapen. Mensen met somnifobie zijn bang om dood te gaan in hun slaap.
     
    Zie ook: Clinofobie
     
    What is somniphobia?

    Somniphobia is a fear of going to sleep. Symptoms include anxiety around bedtime, with panic attacks before and during attempts to sleep. Obvious complications include the ill effects of sleep deprivation: diminished awareness, irritability, and other assorted health problems that result from an unrested body.

    Many doctors simply consider somniphobia a symptom of anxiety disorder, but many somniphobia sufferers report feeling just fine emotionally during the day. It is only when they go to sleep that the anxiety rears its head.

    Like all phobias, the fear isn’t usually rational. Some sufferers carry a fear that if they go to sleep, they will die and never wake up! The fear may have nothing to do with their actual health either: aside from their sleep loss and anxiety, they may be just fine. A common motivator for somniphobia is a previous string of nightmares, and a resulting fear that going to sleep will result in more nightmares.

    Treatment:

    No matter what the motivation, anxiety fuels every phobia, and the key to treating somniphobia or any phobia is to reduce or eliminate the anxiety. Some phobias can be left untreated. But if somniphobia’s preventing you from sleeping soundly, it’s a phobia you definitely need to treat! If a leaky pipe is spraying water all over your patio, you don’t grab towels and just mop it up. You fix the pipe so it doesn’t leak all over the patio anymore. Likewise, sleeping and anti-anxiety medications aren’t going to cure the anxiety. Addressing the root cause of the anxiety of stopping or reducing it will. Think of somniphobia as a weed, and anxiety as the soil and roots from which the weed grows. You don’t just cut the weed at the surface to stop it: you have to uproot it.

    Seek out resources on treating anxiety. Discover and develop techniques to help your relax, and you will take the first step to conquering your somniphobia. Take up meditation. Cut down on caffeine. Seek out a therapist.
     
     
    Lees meer...

    Hypochondrie

     

    Hypochondrie is een psychische aandoening die in het DSM-IV is ingedeeld bij de somatoforme stoornissen. Een andere naam voor de aandoening is ziektevrees. Wie aan hypochondrie lijdt, heeft een chronische preoccupatie of een overmatige angst om een ernstige lichamelijke ziekte te hebben, terwijl hiervan uit onderzoek niets blijkt. De persoon kan vaak de locatie, ernst en duur van de symptomen gedetailleerd aangeven, maar deze zijn door een arts niet als een duidelijk lichamelijk ziektebeeld te herkennen. Als de patiënt daadwerkelijk een (lichte) ziekte heeft, interpreteert hij het ziektebeeld als veel ernstiger dan het in werkelijkheid is. Als een arts de patiënt heeft onderzocht en de patiënt geruststelt, vreest de patiënt dat de arts de ware oorzaak niet heeft kunnen vinden. Omdat de patiënt er sterk van overtuigd is dat er iets mis is, zijn behandeling en herstel vaak gecompliceerd. Bij hypochondrie hoort het somatiseren; het verlichamelijken van emotionele klachten.

    Hypochondrische symptomen kunnen optreden als onderdeel van een ander ziektebeeld, bijvoorbeeld een angststoornis. Er is dan meestal sprake van een ander type klachten.

    Het DSM-IV geeft de volgende criteria voor hypochondrie:

    • A. Preoccupatie met of angst voor het hebben van een ernstige ziekte op basis van onjuiste interpretatie van lichamelijke symptomen.
    • B. De preoccupatie blijft bestaan ondanks toepasselijke medische evaluatie en geruststelling.
    • C. De preoccupatie uit criterium A heeft niet de vorm van een waan (zoals bij een waanstoornis van het somatische type) en blijft niet beperkt tot aangegeven zorgen over het uiterlijk (zoals in een stoornis van de lichaamsbeleving).
    • D. De preoccupatie veroorzaakt klinisch duidelijk lijden of problemen in de sociale omgang, op het werk of op andere belangrijke terreinen.
    • E. De duur van de stoornis is minimaal zes maanden.
    • F. De preoccupatie treedt niet uitsluitend op als onderdeel van de gegeneraliseerde angststoornis, obsessief-compulsieve stoornis, paniekstoornis, een depressieve episode, separatieangst of een andere somatoforme stoornis. 
     
     
    Lees meer...

    Sociale fobie

     

    De sociale fobie, ook wel sociale angststoornis genoemd, is een psychische aandoening. In het DSM-IV is de fobie ingedeeld bij de angststoornissen. Iemand die aan deze stoornis lijdt, heeft angst, grote onzekerheid en verlegenheid voor alledaagse sociale interacties en gebeurtenissen, bijvoorbeeld feestjes, vergaderingen en soms telefoneren of boodschappen doen. Angst voor afwijzing, commentaar, kritiek, pesten en uitlachen. Naast algemene sociale fobie bestaan er specifieke vormen als bloosangst, trilangst, plasangst en (angst om te) stotteren.

    Iedereen is wel eens zenuwachtig voor een afspraakje of een feestje waarop hij of zij in de schijnwerpers komt te staan, maar dat is nog geen reden om er niet heen te gaan. Een echte sociale fobie is een overweldigende angst die in extreme gevallen zorgt dat de patiënt thuisblijft en gedurende lange periodes geïsoleerd leeft. Wie lijdt aan de sociale fobie, is overdreven bang voor beoordeling, voelt zich in de gaten gehouden en mogelijk vernederd door zijn/haar acties, gedrag of voorkomen. De sociale fobie moet niet worden verward met een paniekstoornis. Lijders aan een paniekstoornis zijn ervan overtuigd dat hun paniek een fysieke oorzaak heeft. Na een paniekaanval gaan ze vaak naar een ziekenhuis of bellen een ambulance. Mensen met de sociale fobie hebben soms ook een paniekaanval, maar ze zijn zich ervan bewust dat ze een irrationele angst ervaren. Slechts weinig mensen met de sociale fobie gaan vrijwillig naar een ziekenhuis, omdat ze bang zijn afgewezen of negatief beoordeeld te worden door gezaghebbende mensen (bijvoorbeeld de medische staf). De interactie met gezaghebbende personen is voor hen bijzonder moeilijk, net als telefoneren, afspraakjes, feestjes en sollicitatiegesprekken.

    Uit onderzoek blijkt dat mensen met de sociale fobie, net als mensen met de ontwijkende persoonlijkheidsstoornis, zeer veel aandacht hebben voor hun eigen reacties in het sociale verkeer. Ze letten echter niet erg op de reacties van hun omgeving, wat bij de ontwijkende persoonlijkheidsstoornis wel het geval is.

    De sociale fobie wordt nog niet zo lang gediagnosticeerd als zelfstandige stoornis, eerder werd de aandoening gezien als uiting van andere problemen. Het DSM-IV geeft de volgende criteria voor de sociale fobie:

    • A. Een duidelijke en aanhoudende angst voor een of meer sociale omstandigheden waarin de persoon te maken heeft met onbekende mensen of mogelijke kritiek. De persoon is bang dat hij/zij zich zal gedragen op een manier (of angstsymptomen vertoont) die vernederend of gênant is. N.B.: Bij kinderen moet er bewijs bestaan dat ze voor hun leeftijd normale relaties met bekenden onderhouden en de angst moet zich voordoen als het kind zich onder leeftijdgenoten bevindt, niet alleen in contacten met volwassenen.
    • B. Blootstelling aan een gevreesde sociale situatie roept bijna altijd angst op, die vorm kan krijgen als een situatiegebonden paniekaanval. N.B.: Bij kinderen kan de angst zich uiten als huilen, woede-uitbarstingen, verstijving en zich terugtrekken uit een sociale situatie met onbekende mensen.
    • C. De persoon is zich ervan bewust dat de angst overdreven of onredelijk is. N.B.: Bij kinderen kan dit criterium ontbreken.
    • D. De persoon vermijdt de gevreesde sociale situatie of neemt deel met intense angst of spanning.
    • E. De vermijding, de angstige verwachting of de spanningen voor de gevreesde sociale situatie belemmeren in ernstige mate de dagelijkse handelingen, het beroepsmatig functioneren (of studie of school), sociale activiteiten of relaties met anderen of er bestaat een duidelijk lijden door de fobie.
    • F. Bij personen die jonger zijn dan achttien, duurt de stoornis minimaal zes maanden.
    • G. De angst of vermijding is niet het gevolg van het innemen van een substantie (bijvoorbeeld drugs of geneesmiddelen) of een somatische aandoening. Wel kunnen ontwenningsverschijnselen van alcohol, drugs, benzodiazepinen en andere stoffen de angst versterken. Er is geen sprake van een andere psychische aandoening (bijvoorbeeld de paniekstoornis met of zonder agorafobie, separatieangst, stoornis van de lichaamsbeleving, een pervasieve ontwikkelingsstoornis of de schizoïde persoonlijkheidsstoornis).
    • H. Als er een somatische aandoening of een andere psychische aandoening is gediagnosticeerd, houdt de angst uit criterium A hiermee geen verband, bijvoorbeeld de angst om te stotteren, het beven bij ziekte van Parkinson of abnormaal eetgedrag (anorexia nervosa of boulimia nervosa). 
     
    Lees meer...
    Wat is pleinvrees?
    Een rij voor de kassa, een groot plein oversteken, een drukke trein in, naar de bioscoop, een tunnel in....Deze situaties zijn heel bedreigend voor iemand die pleinvrees heeft.  

    Mensen met pleinvrees vinden dit soort publieke plaatsen vervelend omdat ze er moeilijk kunnen vluchten. Ze zijn bang dat ze er een paniekaanval krijgen en dat niemand dan kan helpen. Daarom vermijden ze dit soort gelegenheden het liefst.

    Komt iemand met pleinvrees toch in zo'n gevreesde situatie, dan raakt hij in paniek. Het zweet breekt hem uit, hij krijgt het benauwd, heeft hartkloppingen en is bang om dood te gaan. 
    Mensen met pleinvrees hebben dus meestal ook een paniekstoornis.

    Pleinvrees kan uw leven enorm verzieken. Sommige mensen durven hun huis helemaal niet meer uit. Maar door de enge situaties te vermijden wordt de angst steeds groter. Om van de pleinvrees af te komen moet u de angstaanjagende situaties juist opzoeken. Dat doet u onder begeleiding van een gedragstherapeut. Men noemt dit exposure in vivo. Vaak is het ook nodig om antidepressiva te slikken. 

    Agorafobie en straatvrees zijn andere namen voor pleinvrees.

    Bent u in openbare gelegenheden vooral bang voor de afkeuring van andere mensen? Dan hebt u misschien geen pleinvrees maar een sociale fobie.
     
     
    Lees meer...

    Claustrofobie

    Claustrofobie of engtevrees is een specifieke fobie voor kleine of afgesloten ruimten. De naam is afkomstig van het Latijnse claudere (sluiten) en het Griekse fobos (angst).

    Mensen die aan claustrofobie lijden, ontwikkelen angstsymptomen als ze zich in ruimten bevinden die moeilijk snel te verlaten zijn, zoals liften, vliegtuigen en treinen of ruimten die zij als te klein, te benauwd ervaren. In ernstige gevallen kunnen paniekaanvallen optreden en probeert men aan de situatie te ontsnappen, zelfs als dit ernstig gevaar oplevert. Anderzijds is het mogelijk dat men door de angst 'bevriest'.

    Net als bij mensen met agorafobie kan angst ontstaan in ruimten waarin zich veel mensen bevinden. De oorzaak is echter anders: de angst bij claustrofobie ontstaat doordat men bang is niet uit de groep of de ruimte te kunnen geraken en zich opgesloten voelt, terwijl bij agorafobie het accent meer ligt op het onvertrouwde of onbekende van de omgeving.
     
     
    Lees meer...
    Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl